Elke cultuur heeft wel een scheppingsverhaal. Maar wie vandaag binnen de westerse cultuur het woord ‘schepping’ in de mond neemt, riskeert door zijn gesprekspartner niet begrepen te worden. En vice versa.
Vandaar dat in dit nummer enige orde geschapen wordt in verschillende hedendaagse visies op schepping. Zonder iemands houvast te willen ondermijnen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen 'echt' gebeurd en 'waar' gebeurd, tussen het terrein van de wetenschap en dat van de geloofsverhalen.
De exegetische toelichting bij het eerste joodse scheppingsverhaal maakt ons bewust van de gedurfde en inspirerende standpunten van de schrijver. Gedurfd en zelfbewust, zeker wanneer men bedenkt in welke context Genesis 1 geschreven is. Niet 'uit het niets', maar tegen het niets, de duisternis en de oervloed in, schept God ruimte zodat de bevrijde/vrije mens beelddrager van God kan zijn. Tot zo'n samenwerking voelen jongeren zich aangesproken: samen met God (leef)ruimte scheppen waar het `tov' is om te leven.
Dat zo'n project kan slagen lezen we in het verhaal van De Kollebloem, een biolandbouwbedrijf, waarin de zorg voor mens en land, liefde en zakelijkheid hand in hand gaan.
Marie-Rose Baert
Franstalige versie: protestanet.be