St.-Baafsplein, Gouden leeuwenplein, Stadhuissteegje, Hoogpoort, Werregarenstraatje, Onderstraat, Vrijdagmarkt, Patershol, St. Veerleplein, Serlippenshuizen, Poel, Hof van Wacken, St. Michielsbrug, Onderbergen
![]() |
Wij starten deze Gentse Protestantse wandeling op het ST.-BAAFSPLEIN waar wij de St. Baafskathedraal bezoeken. Deze kerk, opgetrokken over een tijdspanne van ± 1150 tot 1559, met zijn Romaanse crypta en Gotische bovenkerk, waar o.a. het beroemde Lam Gods Retabel van Van Eyck bewaard wordt, werd tussen 1577 en 1584 voor de Protestantse eredienst gebruikt. Belangrijk voor de geschiedenis van het protestantisme in Gent is eveneens het altaarschilderij dat zich in de "Vigliuskapel" (eerste kapel van de zuidelijke kooromgang) bevindt. De Brugse schilder Frans Pourbus de Oude, vervaardigde op bestelling van Viglius van Aytta1 raadsheer van Keizer Karel V, dit schilderij dat Jezus onder de Schriftgeleerden voorstelt. Ofschoon dat bijbels gegeven als een profaan feit, m.n. Viglius te midden van zijn vrienden1 dienaren, familie en hoge heren bij wie hij in dienst was. Viglius van Aytta, was de laatste proost van de St.-Baafsabdij in dienst van Keizer Karel. Als raadsheer was hij eveneens in dienst van Philips II van Spanje, en als lid van de "Achterraad", onder het regentschap van Margaretha van Parma. Hij is centraal gezeten en praat gemoedelijk met zijn vriend Hoppers (figuur met de rug naar het publiek). Achter hem herkennen wij Keizer Karel en zijn zoon Philips II, alsook de Hertog van Alva, die in 1567 als landvoogd naar Vlaanderen kwam om een eind te maken aan de godsdienstige opstand. Wij herkennen, op de troon gezeten, Nikolaas Granvelle. Rechts van hem staat een groepje waaronder Jonker van Hembyse. Op dit moment dat dit schilderij gemaakt werd, behoorde Hembyse nog tot de vriendenkring van Viglius. Hij zou echter naar het protestantse kamp overlopen en de medeoprichter worden van de "Calvinistische republiek" (1576-1584). Door de dubbelzinnige houding van Jonker van Hembyse viel de stad na een maandenlang beleg, weer in Spaanse handen.
Wij verlaten de hoofdkerk via het hoofdportaal en richten ons naar het GOUDEN LEEUWPLEIN, waar een Renaissancegevel (1539) onze aandacht trekt. Dit huis, bekend als de "Fonteyne" was één der vier hoofdkamers van Rhetorica. De rederijker maakten dikwijls deel uit van bijbelgroepen en bespraken in hun midden de godsdienstige problemen. Tijdens hun toneelopvoeringen dreven zij op satirische wijze de spot met de kerkelijke toestanden. Vooral de geestelijkheid kreeg het hard te verduren. Samen met de Humanisten en de boekdrukkers droegen zij bij tot de verspreiding van het nieuwe geloof. De autoriteiten beschuldigden hen ervan het volk op te ruien tegen te overheid en de Kerk.
We lopen nu voorbij het STADHUISSTEEGJE en kijken op naar het stadhuis, "Spiegel der Gentse geschiedenis". Dit gebouw met zijn afwisselende en ingewikkelde bouwgeschiedenis, verrees tussen 1482 en 1781. In het Gotische gedeelte langs de HOOGPOORT, (1517-1539) bevindt zich de Pacificatiezaal waar in 1576 de pacificatie van Gent werd afgekondigd. Door dit verdrag weiden enkele regels van verdraagzaamheid tussen Katholieken en Protestanten vastgelegd.
Ook de Renaissancegevel aan de HOOGPOORT die tussen 1580-1582 door J. Rooman ontworpen werd, en bekend is als de Bollaertskamer", is een belangrijk getuigenis van het Protestantse verleden in Gent, want hij werd gebouwd tijdens het Calvinistisch bewind.
Wij blijven in de Hoogpoort, steken de oudste Straat van Gent over en wandelen door het WERREGARENSTRAATJE. Het is even wennen aan de met graffiti beschilderde muren, maar dan wacht ons halverwege het steegje een verrassing! Wij staan plots voor een hekken met daarachter een prachtige Renaissancetuin en op de achtergrond de achtergevel van het Ryhovesteen of Hof van Ryhove. Het is de voormalige woning van de familie de la Kethule de Ryhove. (15de - 16de eeuw). Frans van Ryhove was van 1577 tot 1584, samen met Jonker van Hembyse lid van het Calvinistisch stadsbestuur. Historisch is het steen belangrijk omdat de Calvinistische leiders hier geregeld samen kwamen. Ook Willem van Oranje, de Zwijger, had in dit steen een belangrijk gesprek met de Gentse leiders. Dit onderhoud liep uit op een breuk.
Wij vervolgen onze wandeling en op het einde van het Werregarenstraatje, komen wij in de ONDERSTRAAT, vanwaar wij de stoere voorgevel van dit prachtig gerestaureerde huis kunnen bewonderen. De woning herbergt momenteel de Dienst Monumentenzorg.
Van de Onderstraat wandelen wij nu door het Serpentstraatje en komen aan op de VRIJDAGMARKT. Deze gigantische marktplaats was benevens volksforum, de achtergrond van menige terechtstelling. Ook de Protestanten werden hier ter dood gebracht terwijl de schepenen en de magistraten toekeken vanaf de ramen van het Tooghuis (prachtige Barokpoort nr. 47). Men kon in de meeste huizen rond het plein "een venster huren" met zicht op de executieplaats.
Langs de sfeervolle steegjes van de wij PATERSHOL wandelen wij nu naar het ST. VEERLEPLEIN, waar het indrukwekkend Gravensteen verrijst. De huidige burcht werd in 1180 gebouwd in opdracht van Graaf Philips van de Elzas; deze kruisvaarder geraakte in het Midden Oosten zo onder de indruk van dergelijke versterkte kastelen, dat hij besloot ook in Gent een analoog op te trekken. Het Gravensteen herbergt onder zijn stoere meestertoren griezelige maar architecturaal prachtige kelders, die destijds als folterkamers gebruikt werden. De door de inquisitie aan de burgerlijke overheid uitgeleverde ketters werden hier onderworpen aan gruwelijke ondervragingen en martelingen. Ook bevond zich hier de raad van Vlaanderen, een gerechtelijke instelling, die over de toepassing van de "Placaeten" tegen de ketter moest waken.
Tegenover de burcht staan de SERLIPPENSHUIZEN. Deze woningen met Renaissancegevels, werden tijdens het Calvinistisch bewind door een zekere Serlippens gebouwd op de plaats waar de St. Veerlekerk stond. Deze kerk werd door de Protestanten gedeeltelijk openbaar verkocht en gesloopt. Serlippens kreeg echter bevel om de sloping te stoppen en hij werd ervan beschuldigd "heilige" grond onteerd te hebben. Wegens het proces, ontsnapte het transept aan de sloping en dat is de reden waarom niet alle gevels in Renaissancestijl werden gebouwd, er bevindt zich inderdaad een vreemde eend in de bijt, nl. een Classicistische gevel van 1737.
Wij wandelen richting Burgstraat en slaan links de Jan Breydelstraat in. Op het einde van deze straat zien wij de Graslei en de Korenlei met de prachtige gevels. Wij verwijlen even in deze voormalige havenbuurt en gaan via de Drabstraat naar de POEL. Hier bevindt zich het HOF VAN WACKEN. In dit stadspaleis woonde eens Jonker Jan van Hembyse. Hij was toen leider van de Calvinistische Republiek en hij organiseerde hier, in volle krisisperiode, een grandioos feest ter gelegenheid van zijn huwelijk met een veel jongere vrouw. Hij was 71, zij amper 19! Dit werd hem door de bevolking niet in dank afgenomen. Door zijn ambitieuze houding en zijn geheime onderhandelingen met Farnese omtrent de overgave van de stad, werd hij van verraad beschuldigd en onthoofd, enkele weken voor de overgave van de stad aan Farnese. De terechtstelling had plaats op het St. Veerleplein.
De tocht gaat verder naar de ST. MICHIELSBRUG. Rechts bevindt zich de St. Michielskerk. In deze kerk hangt een van de beste werken van Antoon van Dyck: "Christus van het Kruis afgenomen".
Links, op de hoek van de St. Michielsbrug, waar zich nu het restaurant de Graaf van Egmont bevindt, stond vroeger het Hof van Fiennes. Dit stadspaleis kwam via huwelijk en familiale banden in het bezit van Graaf Lamoral van Egmont. Deze edelman, gouverneur van Vlaanderen, kapitein van het "Spanjaardenkasteel", Gulden Vliesridder en eens bevriend met Keizer Karel, werd onder het bewind van diens zoon Philips II, ter dood veroordeeld wegens zijn tolerantie ten opzichte van het Protestantisme. Op last van Alva werd hij in 1568, samen met de Graaf van Hoorne, in Brussel onthoofd.
Aan de overzijde van de St. Michielsbrug, zijn wij naast de St. Michielsbrug, aan de over van de Leie, de gevel van het voormalige Predikheren- of Dominikanenklooster. Alle kloosters en kerken werden twee achtereenvolgende malen door de beeldenstormers grotendeels vernield en de Dominikanen, die een belangrijke rol gespeeld hadden bij het uitoefenen van de lnquisitie, ontsnapten niet aan de vernielzucht. Hun prachtige verzameling boeken werd in de Leie geworpen. De kloosterlingen 'verlieten het pand en dit werd ingenomen door de calvinisten die er een Theologische Faculteit oprichtten. In deze kweekschool voor predikanten waren beroemde Lesgevers aangesteld zoals een Jaak Kimmendonck en een Judokus de Honde. Dit zou Willem I later aanzetten om Gent als universiteitsstad uit te kiezen (1817).
In ONDERBERGEN kunnen wij de hoofdgevel met tuin bewonderen. Van hieruit twee mogelijkheden om de wandeling af te sluiten:
Via de Poel, Peperstraat en Rabotstraat naar de DONKERE POORT (einde Rabotstraat naar links), het enige zichtbare restant van het weelderige Prinsenhof, de plaats waar Keizer Karel geboren werd. Op de rechter binnenmuur van de Donkere Poort werden tijdens het Keizer Kareljaar 2000 de namen aangebracht van de protestantse (en andere) martelaren van Gent, in de 16de eeuw terechtgesteld in uitvoering van de ketterplakkaten van Keizer Karel. Aan de nabij gelegen BEGIJNHOFLAAN bevindt zich op nummer 31 de Protestantse Rabotkerk. In tegenstelling tot vele andere protestantse gemeenschappen elders in Vlaanderen beschikt deze gemeenschap van Gent-Rabot over een kerkgebouw dat werd gebouwd met het oog op de protestantse eredienst. In Gent is het zelfs het enige gebouw dat voor de protestantse eredienst werd gebouwd.Bron: Wandeling opgesteld door de Stadsgids Mevr. Huguette Spaz
Franstalige versie: protestanet.be